STARTPAGINA

Internet en de toekomst


Op donderdag 30 oktober 2014 werd er een pakket bezorgd. Het was een doos afkomstig van NHA, met daarin de uit 40 lessen bestaande cursus Webpage Designer. Ik ben er meteen aan begonnen en nu, twee jaar later, heb ik de laatste opdracht gemaakt. Maar waarom wilde ik die cursus zo graag volgen? Ik leg het uit.





Een eigen website

Daar droomde ik al van vanaf het moment dat ik wist dat dat kon. Na een aarzelend begin lukte het, eerst bij CompuServe, later bij Het Net (nu KPN). Ik wilde datgene wat mij bezighield delen met de rest van de wereld, gewoon leuk! Schrijven is al zolang ik me kan herinneren een favoriete bezigheid en ik besloot dat het hierbij over genealogie en geschiedenis moest gaan.
  Nieuwsgierigheid naar mijn voorgeslacht was de aanleiding voor het genealogisch onderzoek waarmee ik in 1980 begon. Het is een passie geworden, een deel van mijn leven. Dat geldt ook voor het vastleggen van alles wat ik weet uit persoonlijke ervaringen en datgene wat ik van mijn ouders heb gehoord over vroeger: die verhalen mogen niet verloren gaan. Het schrijven werd dan ook al gauw typen. Dat doe ik nog steeds, maar nu op het toetsenbord van de laptop, of een van mijn twee computers.
  De eigen website is er gekomen, zelf gemaakt, in Kladblok aangevuld met HTML-codes uit verschillende boeken, zodat de verhalen en genealogische bestanden overal ter wereld konden worden gelezen. Maar er kan zoveel meer en, achteraf gezien, was er wel het een en ander mis met de manier waarop ik de codes had toegepast. Vandaar dat ik besloot deze cursus te gaan volgen.


Internet: hoe gaat dat mijn leven beïnvloeden?

Eigenlijk doet het dat al een hele tijd, het is soms heel handig, misschien zelfs wel onmisbaar. Zelf gebruik ik het bijvoorbeeld als ik een museum o.i.d. wil bezoeken en iets wil weten over de openingstijden. Of de kortste resp. snelste route naar een bepaalde plek wil weten, ook dan kijk ik op internet of ik daar iets over kan vinden. En natuurlijk vind ik dat. En natuurlijk de Reisplanner als ik met de trein weg wil: hoe kom ik er het snelst? Zijn er werkzaamheden op het traject waarover ik wil reizen?
  Als ik iets wil bestellen op internet en vooruit moet betalen kan ik dat meteen doen en als ik wil weten hoeveel geld we op de bank hebben staan kijk ik gewoon even op de website van de bank. Het doen van de belastingaangifte via internet gaat me ook wel goed af, even de meterstanden doorgeven of een bericht bekijken op Mijn Overheid en als ik meer wil weten over een declaratie van de zorgverzekering: gewoon even met mijn DigiD inloggen.
  Tegenwoordig kun je je boodschappen al doen via internet, je plaatst je bestelling en hoeft het alleen nog maar even af te halen bij de winkel. Maar dat wil ik toch graag zelf doen: zelf met mijn boodschappenkar tussen de schappen schuiven, hier en daar iets proeven zodat ik zeker weet dat ik niet iets koop wat ik niet lekker vind. Zo weet ik nu zeker dat ik nooit mosselen zal kopen.
  Zo zijn er nog veel meer dingen waarvoor je tegenwoordig de deur niet meer uit hoeft. Genealogisch onderzoek, waar ik veel tijd aan besteed, kan tegenwoordig steeds vaker via internet, want veel archiefinstellingen maken hun registers e.d. digitaal toegangelijk. Maar toch, het persoonlijk contact mis ik wel eens. Ik blijf dan ook zeker af en toe een archief bezoeken.
  Gelukkig hoeft niet alles via internet, er zullen altijd wel dingen overblijven die je persoonlijk moet regelen, waarbij het soms lang duurt voordat je aan de beurt bent, of waarvoor je misschien wel een nummertje moet trekken.


Mijn toekomstbeeld

Ik moet er niet aan denken dat het huishouden ooit zal worden overgenomen door de computer. Ik wil daar zelf invloed op hebben, zelf de administratie doen, zelf stofzuigen, ook al is een robotstofzuiger een leuk ding. Er bestaan nu zelfs robotgrasmaaiers. Maar laat mij maar gewoon de grasmaaier-met-opvangbak gebruiken. Het is leuk werk en je bent zelf actief bezig. Goed voor je lijf! Het grote grasveld hoef ik niet te doen: dat doet mijn man met de zitmaaier.
  Het idee dat ergens in huis een computer staat die in de gaten houdt wanneer het brood op is, of dat het tijd wordt om de voorraad in de koelkast of de diepvries te vervangen omdat de uiterste houdbaarheidsdatum is overschreden, is iets voor een volgende generatie. Ik ben thuis, ik vertrouw op wat ik zelf aantref. Maar misschien, als man en vrouw beiden een drukke baan hebben, dat het dan wel handig is om dat soort "problemen" aan de huiscomputer over te laten, die het dan meteen maar even via internet bestelt en het misschien ook wel laat bezorgen. Dat schept vast rust en meer tijd voor sociale contacten.

We leven nu in de toekomst van 2011. Er komt steeds meer glasvezel beschikbaar voor internet. Ook hier in de Beemster zijn ze daar al mee bezig maar het zal nog wel even duren voordat dat er is.
  Zou technologie het echt mogelijk maken om rotklussen weg te automatiseren? O ja, vast wel. Maar hoe moet dat dan met al die mensen die dit werk nu doen? Natuurlijk, zij kunnen altijd ander werk zoeken (als dat er nog is) of een beroep doen op de WW. Want ik vrees echt dat er minder werk-om-te-doen overblijft.
  Virtual reality, wat er tegenwoordig helemaal bij schijnt te horen, is aan mij niet besteed. Geef mij maar een lekkere sudoku, dat stimuleert de hersenen. En onze grote tuin: die biedt, naast de vele tijd eraan moet worden besteed, veel plezier en voldoening. Maar de kleinkinderen zijn er min of meer mee opgegroeid. Als je ziet hoe ze met hun smartphone, tablet of de laptop omgaan, gewoon geweldig. Als mijn tablet (kreeg ik bij de cursus Webpage Designer) het niet meer doet vraag ik mijn zoon: die weet precies hoe hij hem weer aan de praat moet krijgen.

Hoe ziet de toekomst er voor mij persoonlijk uit? Dat is moeilijk te voorspellen. In zekere zin heb ik daar natuurlijk zelf invloed op. Ik probeer gezond te leven en de dingen te doen die ik graag doen wil maar dan nog: hoeveel tijd ik daarvoor nog zal hebben kan ik niet zeggen, geen idee. Ik hoop samen met mijn man nog lang op ons landgoed te kunnen blijven wonen, nog veel verhalen en verslagen te kunnen schrijven en alles wat ik op genealogisch gebied nog weet te verzamelen via mijn eigen website hanny.gewoonthuis.nl openbaar te kunnen maken.
  Privacy verdient zeker aandacht, op z'n minst net zo veel als voorheen. Als je een betaling doet via de bank en je moet je wachtwoord invoeren, als je betaalt met je pinpas en je typt je pincode in, als je op Facebook iets schrijft wat eigenlijk niemand hoeft te weten, enz. Tot voor kort waren onze medische gegevens geheim, persoonsgegevens hoeven ook niet "op straat" te liggen. Zelf sta ik met mijn website ingeschreven bij het College Bescherming Persoonsgegevens: data van nog levende personen worden niet op mijn website openbaar gemaakt (in welke gevallen ik dat wel doe heb ik aangegeven). Ik ben erg gesteld op mijn privacy, ook gewoon thuis: ik vind het prettig als mensen even bellen als ze van plan zijn langs te komen, of even een mailtje sturen. Soms komt het gewoon niet uit.


Wat ik ermee ga doen op professioneel gebied en op privévlak

Voor een toekomstig beroep zal ik het internet niet gebruiken, want met een AOW-uitkering is een baan niet meer nodig en ik ben niet van plan een eigen bedrijf te beginnen. Maar bezig zijn met bijvoorbeeld het project Gemeenschappelijke Afstamming op mijn website en het verzamelen van gegevens voor de daarop geplaatste kwartierstaten geeft me, door alle contacten die dat heeft opgeleverd, het gevoel een echte BAAN te hebben en dat voelt goed. Daarom zal ik in de nabije toekomst uitgebreid gebruikmaken van internet, zeker voor verder genealogisch onderzoek. En natuurlijk e-mail en Facebook, ook daar wil ik graag actief in blijven.
  Op de website zoekakten.nl staat veel uit BS en DTB. Ook veel archieven stellen hun registers op websites beschikbaar. Wat voorvaderen deden is vaak terug te vinden in oude kranten die ook op internet te vinden zijn. Ook daar hoef je de deur vaak niet meer voor uit. In zekere zin is dat jammer: je mist het sociale contact.
  Voor een bevriende genealoog te Costa Rica heb ik een paar jaar geleden een bezoek gebracht aan het NHA (Noord-Hollands Archief) te Haarlem omdat hetgeen hij zocht niet via internet te raadplegen was en voor mij was het een leuke ervaring.

Het is mijn plan om met datgene wat ik in de cursus Webpage Designer heb geleerd mijn eigen website in zijn geheel van een professioneel uiterlijk te kunnen voorzien. Ik heb dus nog wel even werk, want slechts een klein gedeelte is aangepast. Al met al blijft het een privé-aangelegenheid.


SLOT

Het volgen van deze cursus was niet altijd eenvoudig en het ging ook wel eens niet. Maar nu is het klaar en ik heb het met veel plezier gedaan. Nu heb ik weer tijd voor andere dingen, zoals de genealogie en het verfraaien van mijn website. Daar verheug ik me op.

Hanny Sinkeldam-Buschmann
Zuidoostbeemster, 31 oktober 2016


De computer

Voor internet heb je een computer nodig. Vele jaren geleden was ik getuige van de komst van de eerste computer in de bibliotheek van het laboratorium waar ik werkte. Het was een soort veredelde typemachine met een klein schermpje en er was zelfs een programmeur. Nauwelijks te vergelijken met de huidige computer. Internet zoals we dat nu kennen bestond niet.
  Toen ik in 1980 begon met een onderzoek naar mijn voorgeslacht ging alles per brief. Geboorteakten e.d. vroeg ik schriftelijk aan en tegen betaling werden mij de betreffende kopieën toegetuurd. Later bezocht ik zelf archieven. Mijn zwager vond het belangrijk dat ik een computer ging aanschaffen voor de vele vondsten die ik deed. Mijn antwoord was dat ik geen computer nodig had: ik beschikte immers over een typemachine? Ik hoor het mezelf nog zeggen ...
  Van veel voorouders heb ik foto's, ook om die netjes op te slaan is een computer wel handig!

Jacob Heekelaar, geb. 1788

Mijn eerste computer was een DOS-computer en ik voelde me, ondanks mijn aanvankelijk scepsis, de koning te rijk. In 1996 kocht ik er een met Windows-95. Met die computer kon ik op internet, geweldig! Inmiddels zijn we twee decennia verder en ik kan me een leven zonder computer eigenlijk niet meer voorstellen. Anno 2016 is er in bijna elk huisgezin wel een te vinden.
  De computer is bijna overal zichtbaar of onzichtbaar aanwezig. Soms vraag ik me af wat het nu is: een computer of "gewoon" elektronica.
  Een automotor is bijna niet meer af te stellen zonder computer en het wordt daarom steeds moeilijker om er aan te sleutelen. Jammer voor de echte sleutelaar, maar goed voor de werkgelegenheid, want daarvoor zul je dus echt een bezoek aan de garage moeten brengen.
  Ook mijn nieuwe elektrische fiets heeft er een: de fietscomputer. Daarmee kan ik zien hoe snel ik rij en hoeveel km ik al heb afgelegd. Dochter Ellen heeft er ook een op haar fiets. Daarmee kwam ze onlangs in elf uur van Helmond naar Hier.

Fietscomputer met navigatie

In vele huishoudelijke apparaten zit er ook al een: denk maar eens aan de wasmachine en de CV-installatie. We hebben een internet-radio en kunnen zelfs TV kijken via de computer (normaal gesproken kijken we via de schotel). Maar als de stroom uitvalt wordt het allemaal wel wat lastig.
  Een computer kan helaas ook worden besmet met een of ander virus en dat kan vervelende gevolgen hebben. Gelukkig is daar handige antivirus-software voor. Onze eigen fysieke computer (het brein), heeft van al dat soort virussen geen last. Maar dat kan weer aangetast worden door bijvoorbeeld Alzheimer ... en daar is nog steeds niet veel aan te doen.





Ik heb het altijd al leuk gevonden om een cursus te volgen. De kortstdurende cursus vond 23 jaar geleden plaats. Vrijdag 24 september 1993 werd door een kleine groep leden van afdeling Zaanstreek-Waterland een excursie gemaakt naar o.a. het museumdorp Cloppenburg, gelegen in het Artland (Duitsland). Lees er meer over in het verslag dat ik destijds heb gemaakt. De veer heb ik nog steeds.

Oefenen op oud schrift

Schrijven met een veer: links in beeld dat ben ik.



Inhoudsopgave